Vrijdagavond 20 juni. Warm, benauwd en onrustig.
In het zuiden van het land was al code oranje afgegeven vanwege zwaar weer, maar hier in het noorden leek het in eerste instantie nog mee te vallen. Rond elf uur ’s avonds nog even Buienradar gecheckt. De verwachting gaf het beeld dat het zwaarste deel van de bui waarschijnlijk om Gieten en Eext heen zou trekken. Inmiddels gold code oranje ook voor de rest van Nederland, maar op dat moment leek er nog niet veel aan de hand.
Achteraf weten we dat de bui zich in korte tijd enorm heeft ontwikkeld.
Rond middernacht veranderde alles. Vanuit het niets begon het hard te waaien en kwam de regen met enorme kracht naar beneden. Geen gewone bui, maar een muur van water. De ramen moesten snel dicht. De regen sloeg tegen de pui alsof het huis onder water stond. De flitsen van het onweer volgden elkaar binnen seconden op. Wind en regen gierden om het huis en het lawaai was indrukwekkend.





Op zulke momenten weet je als brandweerman eigenlijk al genoeg. Tegen dit natuurgeweld is weinig opgewassen. Dus snel de kleren weer aan, want de kans was groot dat de pieper zou gaan.
En dan komt ook meteen die andere gedachte. Is het veilig om zelf de deur uit te gaan? En laat je je gezin achter in dit geweld? In mijn geval mijn vriendin en onze zoon van zes maanden. Gelukkig hoefde ik die keuze op dat moment nog niet te maken.
Na ongeveer een half uur werd het rustiger. De ramen konden weer open, de warmte was uit het huis en het leek allemaal mee te vallen. Voor het huis lag wel een boom om, maar die blokkeerde de weg niet. Verder was er thuis geen schade. Dus toch maar weer naar bed.
Nog geen kwartier later ging alsnog de pieper:
“P2 Stormschade Kerkweg Eext 038433”
Snel de kleren weer aan en de auto in, op weg naar de kazerne. Maar nog geen honderd meter van huis, in Eext, lag de eerste boom al over de weg. Via het fietspad lukte het nog om richting de Eexterhalte te komen, maar daar hield het op. Gieten was voor mij niet bereikbaar. Toen werd pas duidelijk hoe enorm de schade was.
Contact met de jongens op de kazerne volgde. Zij zouden mijn pak meenemen en we zouden elkaar ergens op de Verlengde Asserstraat treffen. Dat lukte. Maar al snel bleek dat de Kerkweg in Eext niet zomaar bereikbaar was.
We maakten een plan. Met elkaar hebben we ervoor gezorgd dat we met onze tankautospuit en de personeels-/materieelwagen tot aan de Eexterhalte konden komen. Vanaf daar moesten we verder kijken. Ik wist dat je met een kleine auto via de berm en het fietspad in elk geval tot aan mijn huis kon komen. Maar inmiddels zaten er ook al meerdere auto’s vast in de berm. Met 35 millimeter regen in nog geen uur tijd is water niet zomaar verdwenen.
De melding ging over personen bij de visvijver. Er was weinig contact geweest en we wisten niet precies wat er aan de hand was. Eén ding was duidelijk: we moesten die kant op.
We besloten de ploeg te splitsen. Niels ging met een aantal collega’s en de tankautospuit aan de slag om de weg richting Eext vrij te maken. Ik ging met de personeels-/materieelwagen en een kleine groep collega’s, met kettingzaag en EHBO-tas, proberen om de Kerkweg te bereiken.
Slingerend door Eext, steeds weer stoppend om bomen en takken weg te halen, kwamen we uiteindelijk na ongeveer anderhalf uur na de melding aan bij de Kerkweg.
Daar troffen we twee vissers aan. Ze waren nagenoeg al hun spullen kwijt, hadden geen droge kleding meer en hun auto’s stonden ingesloten door zeven omgevallen bomen en in het bos voelde ze zich niet meer veilig. Gelukkig maakten ze het lichamelijk goed, maar ze waren enorm geschrokken. Van code oranje hadden ze niets meegekregen. Ze hadden doodsangsten uitgestaan.
We hebben samen met hen nog spullen uit de auto gehaald en ze daarna afgezet bij het café in Eext. Dat was nog open. Vanuit daar konden ze verder vervoer naar huis regelen en even bijkomen van de schrik.
De bomen rond de auto’s laten liggen was op dat moment de enige juiste keuze. In het donker, in een bos waar zoveel bomen waren omgegaan en mogelijk nog instabiel waren, was zagen onverantwoord.
De eerste melding was afgehandeld. Dat voelde goed.
Maar toen begon eigenlijk pas de rest.
Alle hoofdwegen waren geblokkeerd. Voor hulpdiensten was er op meerdere plekken geen doorkomen meer aan. Naast de meldingen die binnenkwamen, werd dat onze eerste prioriteit vanuit de Meldkamer: zorgen dat de hoofdwegen weer bereikbaar werden.
De Officier van Dienst Brandweer was druk en vanuit de Meldkamer kregen we akkoord om zelf kranen en shovels te regelen die ons konden helpen. Dat zijn van die momenten waarop je midden in de nacht mensen wakker moet bellen. Niet ideaal, maar wel nodig. Er lagen zoveel bomen en takken dat we dit met mankracht alleen nooit gingen redden.
Samen met Niels maakten we opnieuw een plan. De ploeg werd verdeeld. Er waren ook veel meldingen in Gieten, dus Niels ging met de tankautospuit richting Gieten en maakte onderweg vrij wat nodig was om daar te komen. In Gieten kreeg zijn ploeg hulp van Kamping Kraanverhuur. In Eext kregen wij hulp van Loonbedrijf Mennega.
Tot ongeveer vier uur ’s nachts zijn we bezig geweest om de hoofdwegen in de dorpen weer redelijk begaanbaar te maken. We hadden op dat moment nog geen volledig beeld van alle meldingen en locaties, maar rond vier uur was het in ieder geval weer mogelijk om van Eext naar Gieten te komen. De meldingen die op dat moment bekend waren, hadden we afgehandeld.
Terug op de kazerne was er tijd voor een korte nabespreking. Koffie, nootjes erbij — je maakt soms vreemde keuzes midden in de nacht.
Maar lang duurde die pauze niet.
Om 04.15 uur ging de pieper opnieuw:
“P2 Stormschade Achter ’t Hout Gieten 038433”
Daar aangekomen bleek er een boom deels op een woning te liggen. Er was geen direct gevaar meer en door de boom weg te halen konden wij de schade niet beperken. Hoe vervelend ook voor de bewoners: op dat moment konden wij daar weinig betekenen.
Vanaf dat moment gingen qua meldingen alle remmen los.
Bonnen, Boddeveld, Spekstoep, Brink, Dreeuwing, Gasselterweg, ’t Wit, Oude Dijk, Gieterstraat, Eexterweg, Naweg, Vijzelweg, Oude Groningerweg, Helmkruid, Dalkruid — en ongetwijfeld nog een aantal locaties die we inmiddels alweer vergeten zijn.
Wat we vooral hebben gedaan? Wegen vrijmaken. Heel veel wegen vrijmaken. Daarnaast bekeken we per locatie of we schade konden beperken of gevaar konden wegnemen.








Bij de kerk in Gieten was bijvoorbeeld een luik losgewaaid. Het hing gevaarlijk aan een draadje. Met hulp van de hoogwerker uit Stadskanaal konden we dat veiligstellen.
Inmiddels waren we al vele uren in touw. Gelukkig hebben wij bij de post een bakker in ons midden. Rond zes uur werd er snel contact gelegd met bakker Job, die ervoor zorgde dat we op de kazerne toch even een kwartiertje konden ontbijten.
Daarna gingen we weer verder. Onderweg kregen we op de Oude Dijk koffie van een bewoner. Bij het Zwanemeer kregen we koffie met koek. En bij onze laatste inzet aan het Helmkruid kwamen de bewoners zelfs met ijs aan.
Terug op de kazerne had Autobedrijf Okken besloten dat we wel een balletje hadden verdiend.
Dat soort momenten maken indruk. Midden in alle schade, vermoeidheid en drukte zie je dan hoe sterk het noaberschap hier is. Bedrijven, bewoners en hulpverleners die elkaar helpen. Niet omdat het moet, maar omdat het vanzelfsprekend voelt.
Rond één uur ’s middags zijn we gestopt. Bij de laatste inzet aan het Helmkruid hebben we met de hoogwerker uit Veendam nog takken verwijderd. We konden niet garanderen dat alles veilig zou blijven hangen.
Daarna hebben we bij de Meldkamer aangegeven dat het voor dat moment goed was geweest. We bleven beschikbaar voor Prio 1-meldingen, maar uit veiligheidsoverwegingen moesten we stoppen. Vermoeidheid en werken met kettingzagen gaan niet samen. De manschappen hadden rust nodig.
Vanaf 15.00 uur zouden we weer beschikbaar zijn als dat nodig was. Gelukkig zijn er daarna voor ons geen stormmeldingen meer gekomen.
Het was een bijzondere inzet. Een nacht en ochtend met veel schade, maar voor zover bij ons bekend in onze regio vooral materiële schade. Dat is, gezien de kracht van het noodweer, iets om dankbaar voor te zijn.
Het was hard werken. Soms zoeken naar een route. Soms improviseren. Soms accepteren dat je niet alles meteen kunt oplossen. Maar we hebben het met elkaar gedaan, en ondanks alles ook met plezier. Want dit is waarom je bij de brandweer zit: helpen op het moment dat het er echt toe doet.
Grote kans dat je ons die nacht of ochtend aan het werk hebt gezien. En misschien dacht je: dat lijkt mij ook wel wat.
Dan hebben we goed nieuws.
Brandweer Gieten is nog altijd op zoek naar nieuwe collega’s.
Lijkt het jou mooi om onderdeel te worden van een hechte ploeg die klaarstaat voor de omgeving? Neem dan contact met ons op. Misschien sta jij de volgende keer naast ons.
